Ben jij net als Marc Kleefstra gek van motoren en wil jij jouw passie delen op Motorrijders.nl? Meld je dan aan via ons aanmeldformulier!
Motorrijders.nl is er niet alleen voor, maar ook dóór motorrijders. We delen een passie en daarom ook jouw passie! Wij nemen je mee in het verhaal van Marc Kleefstra en zijn passie voor motorrijden.
- Naam:
- Marc Kleefstra
- Leeftijd:
- 61
- Woonplaats:
- Lelystad
- Beroep:
- Onderwijs
- Huidige motor:
- BMW R1200 RT (2017)
Hoe lang rijd je motor en wat is het dat je zo aantrekt in motorrijden?
“Vroeger zou ik gezegd hebben de vrijheid en de wind door je haar, maar…. inmiddels helmplicht en geen haar ;). Ik rijd met tussenpozen vanaf 1980. Eerst met een proefrijbewijs en vanaf 1996 met rijbewijs. Inmiddels ben ik met mijn achtste motor onderweg en nog lang niet van plan om het rijden op te geven!
Op mijn 18e verjaardag zei mijn vader dat hij motorrijden niet toestond. Dus kwam er zo snel als het maar kon een motor. Pas veel later heb ik ontdekt waarom hij tegen was; hij was bang. Zelf ooit opgehaald door zijn broertje met diens dienstmotor en toen al bij het optrekken eraf gevallen. Over het hoe en waarom gaan verschillende verhalen de ronde, maar bang was hij nadien gebleven en dus mocht ik niet.”
Je reed best lang met dat proefrijbewijs. Waarom ging je niet eerder voor je ‘grote’ rijbewijs op?
“Mijn eerste motor kocht ik in 1980. Vervolgens heb ik vier jaar met dat proefrijbewijs rondgereden. Deels vanwege examenvrees, waardoor ik niet durfde te gaan afrijden, deels ook vanwege geldgebrek. Ik was te trots om mijn ouders om geld te vragen voor het halen van het rijbewijs.
Toen ik ging studeren deed ik de motor weg en kwam er een brommer voor terug. Tijdens de studie wel een B-rijbewijs gehaald met de nodige moeite en uiteindelijk, op 29-2-1996, het A-rijbewijs. Ik was die dag de laatste die mocht afrijden, want vanwege gladheid werden de examens opgeschort. Hoewel de remproef op een afgelegen kade niet goed lukte, lukte die enige tijd later in de praktijk wel met als gevolg dat de examinator langs mij heen schoot en ternauwernood kon voorkomen dat hij op een auto knalde. Ondanks allerlei fouten was ik geslaagd.”

Wat was je mooiste reis op de motor?
“Dat is denk ik toch wel de reis geweest die ik in 2005 naar het westen van Amerika heb gemaakt. Gestart in Los Angeles, vervolgens naar Alaska gereden, terug naar Denver en toen weer naar huis gevlogen. Het was mijn eerste grote motorreis.
De keuze voor Amerika was eenvoudig. Ik ben lid van de GTR Club Europe (GCE), ondanks dat ik nu dus een BMW rijd, en wij hebben al vanaf 2002 een soort van uitwisselingsprogramma met onze Amerikaanse tegenhanger: de Concours Owners Group. Iedereen legt in wat hij dat jaar wil besteden aan het doel, een ander naar de andere kant van het water helpen, en krijgt daarvoor terug dat hij/zij mag meestemmen wie er wordt afgevaardigd. In 2005 werd ik uitgekozen om te gaan. De vier weken dat ik weg ben geweest hebben mij gemiddeld €100/week gekost, want de rest werd bekostigd door de club. Vrienden voor het leven gemaakt en in vier weken zo’n 13.000 km gereden. Vele ritjes, ritten en reizen volgden daarna. Richting Frankrijk, Oostenrijk en Schotland bijvoorbeeld.”
Lees ook: Ride out New York

De BMW 1200 RT is je huidige toerbuffel. Aan welke van de andere motoren in je motorleven heb je nog warme herinneringen?
“Ik heb aan de beide Kawasaki 1000GTR’s die ik heb gehad mooie herinneringen. Enerzijds omdat ik door die motoren bij de GCE betrokken raakte en daar vrienden voor het leven heb gemaakt in binnen- en buitenland. Mooie ontmoetingen mee gehad in Nederland en overige landen in Europa. Heel wat jaren de GCE Rally bezocht en de Tour de Twist die jaarlijks werd georganiseerd. Inmiddels is de GCE een uitstervende club, want hoewel er nog wel GTR’s rondrijden (de 1000 en de 1400) worden deze motoren niet meer nieuw in Europa verkocht. Met name de 1000 vond ik een hele fijne toermotor.”
Wat maakt je huidige BMW zo’n fijne machine?
“Ik geef niet echt om het uiterlijk van een motor. Een motor waar ik op rijd moet mij ‘passen’. Dat wil zeggen dat ik er goed op moet kunnen zitten, zowel ergonomisch als qua duur, maar ook dat die betrouwbaar is. Dus ik geef meer om de rijeigenschappen dan het uiterlijk. En met die eigenschappen zit je bij de BMW gewoon goed.”

Wat zijn de twee mooiste momenten die je van die Amerika-reis zijn bijgebleven?
“Er zijn heel veel mooie momenten geweest. Voor de club(s) heb ik destijds daar een verslag (opent een pdf, red.) over mogen schrijven. Één van die bijzondere moment was wel de afdaling bij Hells Canyon. Doordat er te weinig lucht in de voorband zat was dat haast geen doen. Bleek dat het binnenventiel kapot was. Nadat het vervangen was en er nieuwe lucht in de band zat ging het weer fantastisch.
Een ander mooi moment was in het plaatsje Centralia. We waren bij een Mexicaans restaurant geweest met een groepje en wilden terug naar het hotel. De achtbaansweg was uitgestorven en met mijn gekke kop stelde ik voor om gewoon recht over te steken in plaats van een heel eind om te lopen naar de officiële oversteekplaats. Tja, dan blijkt natuurlijk dat de weg weliswaar uitgestorven lijkt, maar dat de politie altijd actief is. Één van de Canadezen had al eens tegen mij gezegd dat ik in de VS vooral veel Frans moest praten tijdens een staandehouding, want de meeste agenten spreken dat niet. Zo gezegd, zo gedaan. De rest geïnformeerd dat ik het woord zou gaan doen en oom agent in het Frans aangesproken. Na vele pogingen waarbij ik hem heel vriendelijk iedere keer in het Frans vertelde dat ik hem toch echt niet begreep, gaf hij met handgebaren te kennen dat ik kon gaan. Ik moest mij zo inhouden om hem niet hartelijk in het Engels te bedanken!”
Mooie verhalen! Maar hoe is dat als je niet op reis bent? Pak je dan ook regelmatig de motor?
“Zeker! Weer of geen weer, als er geen zout of ijs ligt is het altijd motorweer. Zeker nu je je tegenwoordig ook heel goed op warmte kunt kleden, want voor mij geldt wel: AGATT (All Gear All the Time). Of het nu was om een pakje shag te kopen of als ik op reis ben, ik zit altijd volledig beschermd op de motor.
Ook ben ik al heel lang bezig om te zorgen dat ik mij met motor en al inzet om het publieke beeld in positieve zin om te buigen. Door niet als een idioot te rijden bijvoorbeeld daar waar anderen zijn. Maar op een stille weg wil ik wel eens het gas opengooien. Verder zet ik mij in bij verschillende evenementen als (mobiele) verkeersregelaar of voor- of sluitrijder. Naast dat het leuk is om te doen, doe je daarmee ook iets terug voor een samenleving die met enige regelmaat nog een negatief vooroordeel heeft over motorrijders. Inmiddels heb ik zo’n 500.000 km gereden met alleen maar een grote grijns op mijn gezicht, tenzij ik vanwege het begeleiden toch even serieus moet kijken.”

Je noemt kort de begeleiding die je doet op de motor. Aan wat voor klussen kan ik dan denken?
“Naast Motard bij Alpe d’HuZes kun je daarbij denken aan begeleiding van Truckrun(s), Wielerkoersen, Ride4Kika. Ik zie het als een soort van maatschappelijke dienstplicht, maar zonder de verplichting, die ik aangrijp om de negatieve kijk op motorrijders een beetje naar het positieve om te buigen.”


