Waarom hoor je eigenlijk zo weinig motorrijders over het Reuzengebergte en het drielandenpunt van Duitsland, Polen en Tsjechië? Het ligt op één lange reisdag vanuit Nederland, er zijn bergen, bossen, haarspeldbochten en historische plaatsen genoeg. Toch lijkt deze regio bij veel motorrijders een beetje in een Doornroosjesslaap te zijn gevallen. Hoog tijd dus om te kijken wat hier te halen valt.
Helemaal onbekend is het gebied voor ons niet. In mijn tijd bij Scania kwam ik ooit bij Škoda in Mladá Boleslav terecht en zo’n dertig jaar geleden wonnen we via een prijsvraag van een motortijdschrift een aantal overnachtingen aan de Duitse kant van de grens. Maar echt bewust met de motor door Neder-Silezië en Bohemen rijden? Dat hadden we nog nooit gedaan.
We boeken daarom een appartement in Hartau, vlak bij het drielandenpunt. Vanuit daar kunnen we alle kanten op: Duitsland, Tsjechië en Polen liggen letterlijk om de hoek. De BMW F650 Funduro gaat mee op de trailer. Een motor van inmiddels 32 jaar oud, dus geen rijmodi, geen tractiecontrole en geen elektronische hulpmiddelen. Gewoon een benzinekraan, choke en gaan.
Via het oudste stratencircuit van Duitsland
Na een late avond met koffers pakken en de motor op de trailer zetten vertrekken we vroeg richting Duitsland. De eerste uren bestaan vooral uit de bekende snelwegen via Osnabrück, Paderborn en Kassel. Pas vanaf Eisenach en Jena begint het vakantiegevoel echt. Nederlandse kentekens verdwijnen uit beeld en het landschap verandert langzaam.
We hebben bewust een tussenstop gepland bij het Schleizer Dreieck. Dit stratencircuit is zelfs een paar jaar ouder dan de TT van Assen. In het oude tijdwaarnemingsgebouw is tegenwoordig een klein museum gevestigd met auto’s, motoren en karts die hier ooit hebben gereden. De verhalen over de races zijn minstens zo mooi als de voertuigen zelf. In de jaren vijftig kwamen hier op racedagen enorme aantallen bezoekers op af. De gids blijkt bovendien ooit als monteur van een raceteam in Assen te zijn geweest. Zodra hij hoort dat ik zelf ook iets met het Drentse circuit doe, zijn we voorlopig nog niet uitgepraat.
Daardoor komen we later dan gepland weer op weg. Een volledige afsluiting van de snelweg bij Chemnitz zorgt voor nog wat extra vertraging, maar tegen de avond bereiken we Hartau. Motor en trailer verdwijnen in de garage en wij kunnen eindelijk neerploffen in het appartement. De eerste dag zit erop.

Eerst regen
Wie voor een motorvakantie naar de bergen vertrekt, weet dat het weer zich weinig aantrekt van gemaakte routes. Rond middernacht begint het te onweren en daarna komt de regen met bakken uit de lucht. De volgende ochtend is snel duidelijk dat de motor vandaag blijft staan.
We besluiten daarom met de auto naar kamp Terezín te rijden, het voormalige Theresienstadt. Een indrukwekkende plek met een zware geschiedenis. De vestingstad werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt als getto en gevangenis. Veel bewoners en gevangenen werden uiteindelijk verder gedeporteerd naar vernietigingskampen. Het is geen vrolijk vakantie-uitje, maar wel een plek die indruk maakt.
Aan de andere kant van de parkeerplaats ligt toevallig ook een auto- en motormuseum. Na kamp Terezín is dat een welkome afwisseling. Binnen staan voertuigen uit de tijd achter het IJzeren Gordijn: Jawa, Dnepr, Tatra, Škoda, Wartburg, Robur, Lada en IFA.
Sommige modellen roepen direct herinneringen op. Ooit reed ik zelf in een Škoda Octavia, in een tijd waarin Škoda-rijders elkaar onderweg nog begroetten en mensen de auto nieuwsgierig kwamen bekijken. Dat voelt inmiddels als een ander tijdperk.
De regen blijft aanhouden. Onderweg terug zien we motorrijders met tent, slaapzak en kookspullen achterop door de nattigheid rijden. Op zo’n moment voelt een appartement ineens heel luxe. Maar voor de volgende dag ziet het weer er beter uit.

Op zoek naar de goudtrein
De vakantiekas raakt langzaam leger en dus is het tijd voor een nieuw plan: rijk worden.
Er gaat al jaren een verhaal rond over een trein vol goud en andere kostbaarheden die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog ergens in Neder-Silezië zou zijn verdwenen. Niemand heeft hem ooit overtuigend teruggevonden. Prima reden om de Funduro te starten en zelf eens te gaan zoeken.
De eerste stop is Bogatynia, vroeger Reichenau. Het ligt net over de Poolse grens en is tegenwoordig vooral bekend door de enorme bruinkoolmijn en elektriciteitscentrale. Als hier ergens goud zit, dan zit het waarschijnlijk vooral in de energieproductie. Geen trein dus.
We steken opnieuw de grens over en rijden richting Frýdlant. Boven het stadje ligt een groot kasteel dat direct laat zien hoe vaak de machtsverhoudingen in deze streek zijn veranderd. Tsjechische, Poolse en Duitse namen lopen hier voortdurend door elkaar. De grenzen zijn in de afgelopen eeuwen meerdere keren verschoven en dat zie je overal terug. Ook hier geen spoor van onze goudtrein.
Dan maar naar Jaworzyna Śląska. Daar bevindt zich een groot spoorwegmuseum met stoomlocomotieven, wagons en ander historisch materieel. Als iemand iets over een verdwenen trein moet weten, dan hier toch? We dwalen tussen locomotieven in verschillende stadia van restauratie en verval, maar de gouden tip blijft uit. Missie nog steeds niet geslaagd.

Het landschap maakt veel goed
We besluiten verder te rijden richting Pilchowice. Hier ligt een groot stuwmeer en daarnaast loopt een verlaten spoorlijn. Dat klinkt in ieder geval veelbelovend.
Het spoor is op sommige plekken afgesloten, maar we kunnen het traject grotendeels volgen tot aan het oude station boven het meer. En eigenlijk maakt het op dat moment niet meer zoveel uit of we nog goud vinden. De route hiernaartoe is namelijk fantastisch.
Het landschap doet denken aan een combinatie van het Zwarte Woud en de Ardennen: veel groen, hoogteverschillen, kleine wegen en nauwelijks verkeer. Precies het soort omgeving waarvoor je op de motor zit. Wat vooral opvalt, is hoe rustig het hier is. Je verwacht in zo’n gebied veel meer motorrijders tegen te komen, maar soms rijden we kilometers zonder iemand te zien.
Aan het einde van de dag staat er bijna 400 kilometer op de teller. De tank is zo goed als leeg en van de verdwenen goudtrein ontbreekt nog altijd ieder spoor. Financieel dus geen succes. Als motorrit absoluut wel.

Bohemen, glas en oude herinneringen
De volgende dag laten we de motor even staan en trekken we met de auto verder de regio in. Eerst rijden we naar Herrnhut, bekend om de traditionele kerststerren die hier nog altijd worden gemaakt. Daarna zoeken we een plek op waar we zo’n dertig jaar geleden al eens verbleven. Het pension zat destijds in een oude textielfabriek. Tot onze verbazing staat het er nog bijna precies zoals we het ons herinneren.
Daarna gaan we richting de Boheemse bossen. Onze dochter had ons aangeraden om via Tanvald naar Harrachov te rijden en dat blijkt geen slecht advies. De route doet opnieuw sterk aan het Zwarte Woud denken.
Harrachov is vooral bekend om zijn glasfabriek. Hier wordt al eeuwen Boheems glas gemaakt. Het blijft bijzonder om te zien hoeveel handwerk er komt kijken bij iets simpels als een bierglas. Naast de fabriek zit bovendien een brouwerij. Waar glasblazers elders vooral thee en water drinken tegen de hitte, lijkt men het hier wat anders aan te pakken. Bier hoort hier blijkbaar gewoon bij het productieproces. Zelfs een bierbad behoort tot de mogelijkheden. Voor de echte liefhebber.
Dit gebied verdient meer aandacht
Na een paar dagen wordt langzaam duidelijk waarom deze regio zo interessant is. Je rijdt voortdurend door drie landen, maar het voelt eigenlijk als één groot grensgebied. Duitse plaatsnamen duiken op in Tsjechië, Poolse steden hebben een Duits verleden en overal staan kastelen, oude fabrieken en verlaten spoorlijnen die herinneren aan de ingewikkelde geschiedenis van de streek.
Maar voor motorrijders is vooral iets anders belangrijk: de wegen. Tot nu toe hebben we kronkelende boswegen, rustige binnenwegen en verrassend weinig verkeer gevonden. En dan moet de echte rit door het Reuzengebergte nog beginnen.
De route voor morgen loopt langs de hoogste delen van het gebied, via haarspeldbochten, bergwegen en de grens tussen Tsjechië en Polen. Als het weer tenminste meewerkt.
Wordt vervolgd.




In 2021 heb ik in deze regio gereden. Geweldig mooi! En op de heenweg door Bohemen Zwitserland, niet overslaan!
https://www.myrouteapp.com/nl/social/route/5143398?mode=share
Je bevindingen kan ik alleen maar bevestigen. Laat je verrassen door deel 2 van mijn reis …
Mooi verhaal, klinkt aanlokkelijk.
Komen de routes als GPX beschikbaar?
Hallo Bas,
Ik heb geen GPX bestanden en rij meestal op waypoints, waar ik wat wil zien en laat de navigatie dan zijn werk doen. Als deel 2 gepubliceerd is kan ik je wel een lijstje maken van de deze waypoints en kun je die zelf samenstellen tot een route. Zoals geschreven : wordt vervolgd.
Hallo Bas,
Hierbij de aanvullende waypoints, die nog niet vermeld staan in de (samenvattende) verhalen, zodat er een mooie route van kunt maken naar eigen inzicht:
Jested toren (CZ), Kirnitzschtalstrasse (D), gedeelde stad Görlitz/Zgorgelec (D/PL), filmstad Lubomierz (PL), Zamek Sychrov (CZ) en Zamek Czocha (PL) Foto’s in beide verhalen zijn gemaakt bij: Bergrennstrecke Lückendorf-Olbersdorf (D), Hrad Kost (CZ) en Schloss Hainewalde (D).
Motor op de trailer. Alsof dat de normaalste zaak van de wereld is.
Ik begin echt oud te worden…
Hallo Bert,
Bedankt voor je reactie. Ouder worden is een feit waar ik ook mee te maken heb, maar in dit geval waren er 2 redenen om de motortrailer te gebruiken. Een 1 cilinder (BMW) uren lang over de snelweg jagen was geen optie en meer bepalend is dat ik mijn echtgenote als passagier/fotografe hier helemaal geen plezier mee zou doen. Die rijdt liever op locatie honderden kilometers mee …
Ha Tom,
Ik snap ‘m helemaal hoor.